Zover mij bekend hebben de leden van de Waagtoren in de vakantietijd weinig activiteiten op schaakgebied ontplooid. Naast de naam van Danny de Ruiter ben ik in eerste instantie alleen die van Johan Plooyer bij het veteranen kampioenschap in Oosterbeek tegen gekomen.
Het wonderlijke toeval dat mij tijdens mijn vakantie in Zuid Frankrijk overkwam wil ik u echter niet onthouden. Op uitnodiging van mijn schoonzus en zwager brachten wij twee weken door in het romantische toeristische plaatsje Collioure gelegen aan de voet van de Pyreneeën en de boorden van de Middelandse zee. Mijn schoonfamilie heeft daar een riant tweede huis, waar wij gebruik van mochten maken. Toen wij daar aankwamen bleek het huis enige tijd niet bewoond te zijn geweest, want op de deurmat lag een flinke stapel reclame drukwerk en plaatselijke kranten. Mijn vrouw en ik maakten keurige stapeltjes van deze papieren en legden die opzij.
De eerste dagen van onze vakantie genoten we vooral van de zon en het verkoelende water van de Middellandse Zee, maar helaas sloeg het weer om en brachten we noodgedwongen meer tijd, lezend en kaartend in huis door. Uit verveling bladerde ik op een gegeven moment door het stapeltje oude Franse kranten en plotseling viel mijn oog op een foto van een schaakspel met levende figuren dat enkele weken daarvoor op een plein van Collioure had plaats gevonden. Op zich niets bijzonders, want in Collioure vinden de hele zomer allerlei activiteiten plaats om het de toeristen naar de zin te maken. Maar mijn oog werd getrokken door een mansfiguur op de voorgrond. Ik keek en keek, dat kon toch niet waar zijn. Ik riep Annelies mijn vrouw en liet haar ook de foto zien. ‘Dat lijkt Marten wel’ zei ze direct. Inderdaad, dat was toch sprekend Marten Coerts. Mijn gedachten namen daarop de loop met mij. Ik dacht aan al die vrolijke ontmoetingen met hem en al die sterke verhalen, waarmee hij immer de aandacht wist te trekken. En dan niet te vergeten de tientallen schaakstukken die hij schreef over zijn eigen heldendaden. Die daden bestonden meestal uit zijn belevenissen in simultaanseances. Zoals die keer in 1968 of 69, hij was in elk geval nog geen tien jaar, toen hij tegen de toenmalige kampioen van VVV, Piet Seewald mocht uitkomen in een simultaanwedstrijd. De kleine Marten had zich voorgenomen het in elk geval zo lang mogelijk vol te houden en toen alle andere kinderen al lang opgegeven hadden bleef Marten maar doorspelen, zelfs met drie stukken achter, tot de hevig geirriteerde Seewald hem demonstratief remise aanbod. Of die keer dat hij tegen Euwe remise wist te maken of die keer dat hij bij een simultaanseance die ik zelf op de school van mijn kinderen gaf per se ook tegen mij wilde spelen en ik daarmee accoord ging als hij dan honderd gulden op het spel durfde te zetten.
Zoete herinneringen, maar waarom stond Marten op deze foto in een Franse krant? Nu is mijn kennis van het Frans van zeer weinig betekenis, maar van mijn vrouw daarentegen van een heel behoorlijk gehalte. Met haar hulp heb ik het volgende verhaal kunnen reconstrueren: Door de VVV van het district Languedoc was deze openbare schaakpartij opgezet met behulp van de schaakkampioen van Collioure, ene Henry Falquet en die van het district Languedoc, Jacques Tati. Vlak voordat de partij een aanvang zou nemen en juist alle menselijke stukken hun plaats hadden ingenomen, roerde zich een tamelijk lange blonde man die riep dat hij een van deze kampioenen ook wel zou kunnen verslaan. Er ontstond enige consternatie, niet in het minst omdat de burgermeester uitgenodigd was om de eerste zet te doen en deze brave man niet te lang kon worden opgehouden. Er volgde nu druk overleg tussen de organisatoren en de twee schaakkampioenen, waarbij monsieur Tati aanbood zich terug te trekken ten gunste van ‘l’Hollandais monsieur Coerts’ (onze eigen Marten dus)!
Hoe krijgt die het voor elkaar dacht ik, hij weet zich toch weer op de voorgrond te plaatsen. Maar toch wel spannend, hoe zou hij het er vanaf gebracht hebben? Mijn vrouw vertaalde verder: De partij verliep aanvankelijk tamelijk normaal. De menselijke stukken voerden de commando’s naar behoren uit. Gelukkig maakten ze geen gebruik van echte paarden, maar van stokpaardjes, dus dat scheelde heel wat problemen en vieze troep. Nu aarzelde mijn vrouw echter met de vertaling. Stond daar wat er stond? Ik zei, lees nu maar eerst letterlijk wat jij denkt dat er staat en dat kwam op het volgende neer . De Hollander raakte kennelijk in de ban van de twee charmante donkeroogige dames die de zwarte lopers uitbeelden en hij lokte die met diverse pionnenoffers naar zich toe! Hier moet ten eerste opgemerkt worden dat nu pas uit het verhaal bleek dat Marten bevelvoerder was van de witte stukken. Kenners van de klassieken zullen begrijpen wat Marten hier deed. Immers schreef Donner niet een verhaal over zo’n soortgelijke schaakpartij, waarbij hij plaats genomen had ter hoogte van de velden a4 en a5. In de ban geraakt van de witte dame wist hij niet hoe snel hij haar naar veld a4 kon doen verplaatsen en daar zo lang mogelijk te houden!
Of de pionnen die Marten offerde het waard waren weet ik niet want de notatie van de partij werd in het artikel niet vermeld. Wel werd het dramatische slot van de partij verteld. De partij duurde en duurde maar, waarbij Marten, ondanks dappere tegenstand steeds meer in de verdrukking kwam. De schemering was inmiddels ingevallen en vrijwel alle bezoekers vertrokken. Nu greep de organisator in en nadat de Franse voorvechter Henry Falquet zijn laatste commando had gegeven verklaarde hij de partij voor de Fransman als gewonnen en beëindigde hij de voorstelling. Maar hier nam Marten geen genoegen mee. Hij begon luidkeels te protesteren en omdat de Fransen hier nauwelijks aandacht aan besteedden begon hij luider en luider zijn ongenoegen kenbaar te maken. De stukken waren inmiddels allemaal verdwenen, ook de laatst overgebleven donkeroogige zwarte loper. Het plein was vrijwel leeg op die lange blonde Nederlander na, die daar met de handen in de lucht wanhopig bleef protesteren. Uit een zijstraat kwamen inmiddels twee gendarmes toelopen en namen de fel tegenspartelende Marten elk bij een arm en voerden hem af. Het krantenverslag eindigt met: ‘een trieste afloop van een overigens zeer geslaagd schaakfestijn’.
Ik verzonk in gepeins nadat ik kennis genomen had van dit krantenverslag. Vooral het slot bevreemdde me zeer. Marten is altijd een zeer sportieve speler geweest en een verloren stelling zou hij zonder protest hebben opgegeven. Wat zou er aan de hand geweest zijn? Ik moest dus achter de slotstelling van deze partij zien te komen. De volgende dag trokken mijn vrouw en ik het stadje in op zoek naar de Franse tegenstander Henry Falquet. Die bleek niet zo moeilijk te vinden, want hij stond gewoon in het telefoonboek. Wij zochten hem dan ook op, een vriendelijke jongeman die ons direct de volgende stelling voorschotelde.
Marten Coerts – Henry Falquet
Zo stond het. Ik was aan zet, zei Falguet. U ziet dat zwart glad gewonnen staat. Hij heeft meerdere goede zetten, maar 1…Kc3 is wel het sterkst. Wit kan wel opgeven. Wat was er echter aan de hand. Ik had gemerkt dat die Hollander nogal veel belangstelling had voor de twee vrouwen die het zwarte loperpaar uitbeeldden. Wat hij niet kon weten dat één van die twee mijn vriendin was, uitgerekend degene die nog overgebleven was en op veld d4 stond. Dus ik dacht, wat is er mooier om hem met mijn vriendin de doodsteek toe te brengen. Dus gaf ik zonder veel nadenken het commando 1…Ld4-e3 en alvorens die zet op het veld werd uitgevoerd werd de partij voor mij gewonnen verklaard. Maar hoorde je tegenstander die zet, vroeg ik hem. Ja, ongetwijfeld, want wij gebruikten een megafoon, zodat de deelnemers en het publiek onze commando’s konden horen. Maar wat doe je dan op 1…Le4-h7 vroeg ik. 2.Kc4-c3 natuurlijk, zei hij. Maar dan heeft wit nog 2…Tf4-c4+. De Fransman schrok; hij zag natuurlijk ook dat het zowel na 3.Kxb5 Lxd3 als 3.Kxc4 Lg8+ op remise uit moet lopen. Tja, zei de Fransman, zo zie je maar dat schaken en vrouwen een gevaarlijk combinatie is.
Willem Andriessen
Amusante script voor een nieuwe aflevering van "Les gendarmes de Saint-Tropez". Hollandse boef Marten Coerts probeert mooie dochter van burgemeester Lemaire te schaken. Sergeant-chef Cruchot is hem al dagen op het spoor en krijgt hem tenslotte op de Boulevard du Boramar in Collioure tijdens het schaken met een gemeen trucje te pakken.
Geplaatst door: Frits Leenart | 08/28/2010 om 12:02
Jacob de Boer maakt mij er op attent dat de zetnummers onder het diagram niet kloppen. Hij heeft gelijk, het moet zijn 2.Lh7 Kc3 3.Tc4+ enz.
Geplaatst door: Willem Andriessen | 08/28/2010 om 13:49
Heerlijk het schaakcircus is weer begonnen.Zalig om naar te kijken.Kom dat zien.Nogal zwakjes,2 berichtjes op 80 leden.
Geplaatst door: w.solowjew@chello.nl | 08/28/2010 om 15:43
Hoi wim
Klasse mooi geschreven
Geplaatst door: walter | 08/28/2010 om 22:11
Haha, Geweldig!
Ik zie het helemaal voor me;
Marten, half beneveld door de rode wijn, roepend met zijn hese stem op dat lege plein dat het toch remise is!
Wim je bent je roeping mis gelopen. Hier had je 40 jaar eerder mee moeten beginnen i.p.v. uitgever te worden. Je had vast en zeker een plaats verworven in sprookjesland tussen de gebroeders Jacob Ludwig en Wilhelm Karl Grimm in.
Geplaatst door: Ronald Groot | 08/29/2010 om 21:06
Kan die lange blonde man niet zelf vertellen hoe e.e.a. Is gegaan?
Ik ben reuzebenieuwd.
Daarnaast leuk dat Marten weer aan het trainen is, ik verheug me er op om met hem in het tweede team te spelen!
Geplaatst door: Dirk | 08/30/2010 om 15:44
Fantastisch verhaal Wim!
Marten zal je dankbaar zijn dat je ein-de-lijk eens niet over Danny hebt geschreven ;-)
Geplaatst door: TF | 08/30/2010 om 20:54
Dat Wim Andriessen een hele grote duim heeft dat weet ik al jaren, maar eerlijk is eerlijk, schrijven kan hij ermee. Mijn complimenten!
Geplaatst door: Marten Coerts | 08/30/2010 om 22:34